Links: Marco Zannoni (NCTV). Rechts: burgemeester Sjors Fröhlich
Links: Marco Zannoni (NCTV). Rechts: burgemeester Sjors Fröhlich
Links: Marco Zannoni (NCTV). Rechts: burgemeester Sjors Fröhlich
Links: Marco Zannoni (NCTV). Rechts: burgemeester Sjors Fröhlich
Eind november is de landelijke campagne ‘Denk vooruit’ gestart. Het programma voor de versterking van de maatschappelijke weerbaarheid is daarmee in een stroomversnelling gekomen. “De vrijblijvendheid moet eraf en we moeten meters maken, want de urgentie is hoog”, betogen Marco Zannoni, directeur Nationale Crisisbeheersing bij de NCTV, en Sjors Fröhlich, burgemeester van de gemeente Vijfheerenlanden. Beiden zijn keynote-sprekers tijdens de eRIC-vakbeurs op 22 & 23 april.
Met 8,5 miljoen informatieboekjes ‘Bereid je voor op een noodsituatie’ en spotjes op onder andere radio en televisie, worden burgers aangespoord een noodpakket samen te stellen, een noodplan te maken, er met elkaar over te praten en elkaar te helpen. De publiekscampagne rond weerbaarheid en veerkracht wordt gecoördineerd door de NCTV, maar is mede ontwikkeld en uitgevoerd door andere departementen, regionale en lokale overheden, maatschappelijke organisaties en bedrijven. Marco Zannoni geeft leiding aan het programmateam ‘Weerbaarheid’ van de NCTV bij het ministerie van Justitie en Veiligheid.
“De NCTV speelt primair een coördinerende en verbindende rol”, benadrukt Zannoni. “In de uitvoering moeten alle maatschappelijke geledingen hun rol pakken: burgers, het bedrijfsleven, de grote vitale sectoren maar ook kleine ondernemingen, verenigingen, sportclubs, vrijwilligersorganisaties, kerken, et cetera. De scenario’s waarop we ons moeten voorbereiden zijn dermate groot en ingrijpend dat de overheid ze niet alleen kan oplossen. Dus moeten we fors investeren in zelf- en samenredzaamheid binnen de samenleving.”
Drie scenario’s
Maar waar moeten we ons nu concreet op voorbereiden? Op drie ‘kernscenario’s, verduidelijkt Marco Zannoni. Deze scenario’s zijn al benoemd in de Nationale Risicoanalyse die ten grondslag ligt aan de Nationale Veiligheidsstrategie 2022. De Nationale Risicoanalyse bevat een hele lijst potentiële dreigingen en gevaren voor de BV Nederland, variërend van overstromingen, natuurbranden en pandemieën tot stroomuitval, een cybercrisis en verstoring van de rechtsorde.
“Voor het programma Versterking Maatschappelijke Weerbaarheid hebben we drie scenario’s gekozen die in hun aard en impact kunnen leiden tot grootschalige en langdurige maatschappelijke ontwrichting. Ten eerste grootschalige stroomuitval voor de duur van ten minste 72 uur, ten tweede een langdurige uitval van internet en ICT-dienstverlening en ten derde de effecten binnen Nederland van een gewapend militair conflict dat voortvloeit uit ‘artikel 5’ van het NAVO-bondgenootschap. Het Rijk, de veiligheidsregio’s en de gemeenten zitten op één lijn qua gezamenlijke focus op deze drie typen scenario’s die ons kunnen treffen.”
Gebeurtenissen die veel meer waarschijnlijk zijn dan veel mensen geneigd zijn te denken. We zijn in Nederland met ons solide elektriciteitsnet en de uitstekende internetinfrastructuur weliswaar erg verwend, maar dat is geen garantie dat deze vitale diensten ook altijd 24/7 storingsvrij beschikbaar zullen zijn. Want netcongestie en overbelasting zijn serieuze risico’s en onze stroominfrastructuur is ook kwetsbaar voor extreem weer én voor (hybride) aanslagen. Omdat de hele samenleving tegenwoordig zwaar ‘leunt’ op elektriciteit en digitale diensten, is de ondervonden overlast groot, waardoor deze scenario’s volgens Zannoni voor veel mensen ‘dichtbij en realistisch’ voelen.
Artikel 5-scenario
Over het derde scenario, de betrokkenheid van Nederland bij een gewapend conflict in geval van een ‘NAVO-artikel-5-situatie’, zegt Zannoni: “Sinds de oorlog in Oekraïne en de steeds grotere dreiging van Rusland die met name in Oost-Europa wordt gevoeld, is zo’n scenario bepaald niet meer ondenkbaar. Wat Nederland in zo’n situatie kwetsbaar maakt, is dat we met onze grote havens en uitstekende infrastructuur een belangrijk doorvoerland zijn voor militair materieel en troepen van overzee. Die worden via onze havens, snel- en spoorwegen oostwaarts vervoerd. Het is niet uit te sluiten dat onze havens en infrastructuur doelwit worden van sabotage of aanslagen.”
De focus op oorlogsscenario’s is volgens Zannoni begrijpelijk, als gevolg van de toenemende internationale spanningen en geopolitieke ontwikkelingen. Maar hij benadrukt dat dit type crisis vooralsnog niet het meest waarschijnlijke is en dat maatschappelijke ontwrichting door uitval van vitale voorzieningen meerdere oorzaken kan hebben. “Daarom kiezen we in onze nationale strategie voor weerbaarheid en veerkracht nadrukkelijk voor een ‘all-hazard- benadering’. De reden van een grootschalige verstoring en maatschappelijke ontwrichting is dan niet zo van belang. We kijken vooral naar de effecten en naar wat nodig is om die effecten te minimaliseren en ervoor te zorgen dat de samenleving zo goed mogelijk kan blijven functioneren.”
Zorg aan kwetsbaren
De rode lijn in het programma Versterking Maatschappelijke Weerbaarheid is dat overheid, burgers en bedrijfsleven zoveel mogelijk zelf- en samenredzaam zijn, door zich te prepareren op een situatie van 72 uur uitval van elektriciteit en/of vitale diensten. De overheid kan, in samenwerking met een te vormen ‘resiliencenetwerk’ met noodsteunpunten, haar menskracht en middelen dan zoveel mogelijk concentreren op kwetsbare groepen of op die plekken waar hulp het hardste nodig is. Denk daarbij aan ouderen en zieken thuis, in zorgcentra of ziekenhuizen.
“In een situatie waarin heel Nederland of een groot deel van het land ‘plat ligt’, krijgen we te maken met de problematiek van schaarste, omdat de overheid niet iedereen kan helpen. In het geval van een ‘artikel-5-situatie’ komt daar als extra knelpunt bij dat Defensie niet of veel minder beschikbaar is voor haar ‘derde hoofdtaak’. Die hoofdtaak: ondersteuning bieden bij civiele crisissituaties, krijgt dan bij de Krijgsmacht lagere prioriteit omdat de organisatie moet opschalen voor de inzet ter bescherming van het bondgenootschappelijk grondgebied en Nederland. Dáárom is het belangrijk dat we in een landelijk resilience-netwerk alle beschikbare krachten in de samenleving bundelen. Vanuit een netwerk van noodsteunpunten kan lokaal hulp worden geboden aan kwetsbare mensen in nood.”
Pilots
Dat resilience-netwerk is nog volop in ontwikkeling en staat niet van vandaag op morgen klaar, beaamt Marco Zannoni: “De veiligheidsregio’s zijn belangrijke spelers in het organiseren van de noodsteunpunten en inmiddels heeft iedere regio zijn eigen weerbaarheidsprogramma opgestart.”
“Als NCTV spelen we hierin een coördinerende en verbindende rol. Wij willen zoveel mogelijk partijen en initiatieven met elkaar in contact brengen. Die moeten dan samen die netwerken vormgeven en inrichten met vrijwilligers zoals EHBO’ers, het Nederlandse Rode Kruis en mensen met zorgervaring, ondersteund met professionals uit de overheidshulpverlening. Er worden op korte termijn vijftig pilots en oefeningen met lokale noodsteunpunten gehouden; twee in elke veiligheidsregio.
Spaanse crisiservaring
Dit soort crisisscenario’s blijven theoretisch tot je ze zelf meemaakt. En áls dat gebeurt kun je in korte tijd veel leren over hoe zo’n gebeurtenis ingrijpt in het dagelijks leven en de maatschappij ontregelt. Burgemeester Sjors Fröhlich van de gemeente Vijfheerenlanden kan erover meepraten. Hij was op vakantie in Spanje tijdens de grote stroomuitval die in april dit jaar Spanje en Portugal verlamde. Hij maakte in gedachten direct een vertaalslag naar zijn eigen gemeente: ‘Wat als zo’n omvangrijke en langdurige stroomuitval Nederland treft? Zijn we er dan klaar voor? Is mijn gemeente er klaar voor?’
Fröhlich: “De stroomstoring in Spanje en Portugal toonde aan hoe breed het spectrum potentiële oorzaken is dat de uitval van vitale voorzieningen kan veroorzaken. Het kan ontstaan door een hybride- of cyberaanval of door extreem weer dat de energie-infrastructuur verwoest, maar ook door een technische storing, zoals in dit geval. De stroomstoring maakte duidelijk hoe complex energienetwerken in elkaar zitten en dat een incident op één plek in het netwerk een kettingreactie kan veroorzaken die grote gebieden zonder stroom zet.”
Een tweede leerpunt is volgens Fröhlich de enorme afhankelijkheid van de hedendaagse samenleving van elektriciteit. “Want niets werkt meer op de manier waarop we het gewend zijn als de stroom uitvalt. In winkels kun je niet meer afrekenen, want de kassa’s en geldautomaten werken niet meer, en ook automatische schuifdeuren gaan niet meer open of dicht, zo ontdekte ik in winkels en hotels. Dat gaf bij veel mensen onrust en onzekerheid.”
Campagne
Daarom is de onlangs gestarte nieuwe ‘Denk vooruit-campagne’ heel belangrijk”, benadrukt Fröhlich. “Pakweg vijf jaar geleden werden deze scenario’s in de maatschappij nog niet echt serieus genomen, door het grote vertrouwen in onze vitale infrastructuur. Datzelfde geldt overigens voor andere crisissituaties, inclusief de dreiging van een internationaal gewapend conflict. Maar de wereld is echt veranderd en iedereen moet zich voorbereiden: de overheid, het bedrijfsleven en de burgers.”
De burgemeester heeft een video opgenomen voor de mensen in zijn gemeente om het 72 uur noodpakket te laten zien
In zijn eigen gemeente was Fröhlich al bezig met het opnemen van een lokale videoboodschap om burgers en bedrijven in Vijfheerenlanden in de preparatiemodus te krijgen. Fröhlich vervolgt: “Als bestuurder wil ik iedereen op het hart drukken hoe belangrijk het is om voor de eigen woon- en werksituatie een goed noodplan te maken en een noodpakket samen te stellen, om een aantal dagen in de meest noodzakelijke levensbehoeften te voorzien. Die video was nog niet af, maar na mijn ervaringen in Spanje heb ik er flink vaart achter gezet om het filmpje af te monteren. Een eigen crisiservaring werkt heel stimulerend, kan ik bevestigen. Nu duurde deze storing maar één dag. Maar als het 72 uur of langer duurt, moeten we echt alle zeilen bijzetten om de maatschappij draaiende te houden en kwetsbare mensen te helpen.”
Stresstest
Fröhlich zou het een goed idee vinden om in de crisisvoorbereiding op verschillende niveaus een maatschappelijke ‘stresstest’ te doen. Als bijvoorbeeld bekend is dat in winkels digitale kassasystemen en betaalautomaten uitvallen, zijn winkels dan nog in staat af te rekenen met contant geld?
Fröhlich: “De oproep aan burgers is om voldoende cash in huis te hebben voor situaties waarin internet en geldautomaten niet werken, maar als je dan niet met contant geld kunt afrekenen, wat moet je dan? Verder vind ik het belangrijk dat de logistiek zodanig wordt ingericht dat mensen niet in paniek hoeven te raken omdat bepaalde producten er niet meer zijn. Denk aan de enorme run op toiletpapier in de coronacrisis, terwijl er nooit gebrek is geweest aan toiletpapier. En onlangs bij de drinkwatercrisis in Utrecht, was het simpele advies van drinkwaterbedrijf Vitens om water te koken. Maar er ontstond zo’n stormloop op flessenwater in supermarkten dat er in veel supermarkten dagenlang geen flesje water meer verkrijgbaar was.
Weerbaarheid op eRIC 2026
Vooruitkijkend naar de eRIC-vakbeurs op 22 & 23 april komend jaar, vinden Zannoni en Fröhlich het belangrijk dat het thema Weerbaarheid ook daar nadrukkelijk wordt geadresseerd. Zannoni: “Het is een vakbeurs waar alle geledingen uit het domein van veiligheid, crisisbeheersing en hulpverlening aanwezig zijn. Ook de grote vrijwilligershulporganisaties, zoals het Rode Kruis, en veel gespecialiseerde bedrijven zijn van de partij. Dus als er één plek is waar bij uitstek verbinding kan worden gemaakt tussen overheid en bedrijfsleven, dan is het wel de eRIC-beurs. Al die partijen hebben hun rol te spelen in de weerbaarheid van Nederland en ze hebben allemaal hun eigen kennis en specialisaties: op het gebied van communicatie, coördinatie, materiaal en logistiek, maar ook met toegewijde mensen die hulpverlening aan anderen als motivatie hebben. En die mensen moeten het uiteindelijk gaan doen. Ik hoop dan ook dat weerbaarheid een belangrijk verbindend thema wordt op de komende editie van de beurs.”
Marco Zannoni en Sjors Fröhlich zijn beiden keynote-sprekers op de beurs. Fröhlich geeft in zijn keynote een bestuurlijke visie op crisisvoorbereiding, geënt op het scenario stroomuitval. Hij spreekt vanuit zijn eigen ervaringen tijdens de stroomuitval in Spanje en Portugal, toen de effecten van zo’n grootschalige uitval van de vitale infrastructuur erg dichtbij kwamen.
Over eRIC
De Expo Rampenbestrijding, Incidentmanagement & Crisisbeheersing (eRIC) is een vakbeurs voor de veiligheidsindustrie. Op 22 en 23 april 2026 komt de volledige veiligheidsketen samen op Vliegveld Twenthe. Twee dagen lang vormt eRIC het centrale ontmoetingspunt waar professionals uit alle disciplines kennis uitwisselen en samenwerken aan vernieuwing en effectiviteit binnen het veiligheidsdomein. De beursvloer, lezingen en demonstraties worden samengebracht in één evenementen dat hulpdiensten ondersteunt in hun dagelijkse werk en bijdraagt aan een veiliger Nederland.
Gratis tickets zijn vanaf januari 2026 beschikbaar via www.exporic.nl