Weerbaarheid vraagt ook om paraatheid van de overheid
De overheid roept burgers op om weerbaar te zijn. Maar bij een grootschalige crisis is het óók belangrijk dat de overheid zelf paraat staat, bijvoorbeeld met noodaggregaten en noodopvanglocaties. Hoe zorg je voor die paraatheid zonder dat je grote voorraden aanlegt? Stef Hanken (veiligheidsregio Utrecht) en Marie-Louise van Schaijk gaven antwoord op deze en andere vragen tijdens een weerbaarheidsevent.
Het staat als een paal boven water dat we in Nederland moeten werken aan meer weerbaarheid. “Wat we in Nederland in het klein meemaken, zien we in Oekraïne in het groot", zegt Jan Pol, kartrekker van de Infra Capacity Alliance (ICA). “Daar worden dorpen en steden keer op keer getroffen door aanvallen op hun vitale infrastructuur. En toch blijft er vertrouwen in de overheid. Dat komt niet alleen omdat de burgers weerbaar zijn, maar ook omdat de overheid steeds opnieuw laat zien dat zij leveren als dat nodig is.”
Hoogste bieder
ICA houdt regelmatig bijeenkomsten waarbij overheden en het bedrijfsleven samenkomen, zodat zij samen kunnen werken aan een gezamenlijke crisisaanpak. De laatste bijeenkomst werd georganiseerd door ICA-partner Bed-Stay en het Rode Kruis. Bed-Stay ontwikkelt en levert tijdelijke slaapoplossingen voor noodopvang, met meer privacy en waardigheid dan traditionele veldbedden. Snelheid, schaalbaarheid en beschikbaarheid staan daarbij centraal. De oplossingen zijn bovendien zonder gereedschap op te bouwen.
“Tijdens een crisis worden wij overspoeld met aanvragen", zegt Peter Vogel, eigenaar van Bed-Stay. “Plotseling heeft iedereen dan noodopvanglocaties nodig. Maar als we in de koude fase geen afspraken maken met de overheid, dan betekent dat dat onze bedden tijdens een crisis naar de hoogste bieders gaan. Het voelt voor ons niet goed, dat we dan niet aan alle overheden kunnen leveren. Daar komt nog eens bij dat we dan zelf als graaiers worden gezien.”
Triage van spullen
Jan Pol haakt daarop in. "De triage van spullen zou nooit een commerciële afweging mogen zijn", zegt hij. “Want dat betekent dat de meest kwetsbare mensen van onze samenleving niet geholpen worden. Daarom heeft het bedrijfsleven zich verenigd in het samenwerkingsverband ICA. Vanuit ICA kunnen we ons sámen met de overheid voorbereiden op een ramp, zodat de overheid de regie kan houden en schaarse diensten en materialen op de juiste plekken terechtkomen.”
Vanuit die overtuiging ontwikkelde het bedrijf Bed-Stay ook het beschikbaarheidsmodel Secure. “Binnen dit model reserveren overheden en organisaties vooraf capaciteit, zodat tijdelijke slaapoplossingen in tijden van nood direct beschikbaar zijn”, vertelt Peter. “Dit model sluit aan bij het bredere denken over weerbaarheid, waarin voorbereiding en transparantie essentieel zijn.”
Rode Kruis
Niet alleen vanuit het bedrijfsleven, maar ook vanuit de hulpverlening werd het belang van een duidelijke rolverdeling en samenwerking benadrukt. “We moeten als Rode Kruis terug naar de kern van onze taak: het verlenen van noodhulp”, zegt directeur Harm Goossens in zijn bijdrage. “Alleen door die rolverdeling scherp te houden en samen te werken met betrouwbare partners kunnen we in tijden van crisis effectief handelen. Die samenwerking tussen de overheid, hulporganisaties en het bedrijfsleven zijn een randvoorwaarde voor een weerbare samenleving.”
Veiligheidsregio Utrecht
Het samenwerkingsverband ICA bestaat al ruim 5 jaar. Jan merkt dat de samenwerking met de overheid de laatste maanden op gang aan het komen is. ICA heeft bijvoorbeeld al een samenwerking met de Unie van Waterschappen. Ook hebben zij in december een samenwerkingsovereenkomst gesloten met de veiligheidsregio Utrecht.
“De overeenkomst die wij met ICA hebben afgesloten is nog vrij beperkt", zegt Stef Hanken, crisismanager bij de veiligheidsregio Utrecht. “We hebben onder andere contractueel vastgelegd dat ICA tijdens een crisis noodaggregaten en brandstof levert aan onze brandweerkazernes. Dat is nog geen grote deal en toch is dit wel een belangrijke stap. Het gaat namelijk niet alleen om het contract, maar ook om het creëren van een mindset. Via ICA kunnen we met meerdere bedrijven tegelijk samenwerken. Zo kunnen we hier ervaring mee opdoen, zodat we dit daarna verder kunnen uitbouwen.”
Twee tandjes dieper
Jan: “Een essentieel onderdeel van de overeenkomst is de periodieke afstemming tussen de veiligheidsregio Utrecht als behoeftesteller en ICA als partij die beschikbaarheidsgaranties afgeeft. Dit is het begin van een gemeenschappelijk besluitvormingsproces.”
Ook Marie-Louise van Schaijk, portefeuillehouder risico- en crisisbeheersing namens alle veiligheidsregio's, vindt het belangrijk om in de koude fase al afspraken te maken met het bedrijfsleven. “Tijdens de vorige grote crisis hebben we gezien waar het toe kan leiden als je dat niet doet. We werden toen geconfronteerd met de mondkapjes-affaire. We moeten als overheid voorkomen dat ons dat nog een keer overkomt. Daarom is het belangrijk om in de voorbereiding op een crisis twee tandjes dieper te kijken, dan bij een normale uitvraag. Tijdens een crisis gaan alle overheden tegelijk dezelfde producten en diensten uitvragen. ICA kijkt vooruit naar andere concepten en oplossingen, waardoor er een grotere kans van slagen is.”
Kritisch
Tijdens de bijeenkomst zijn er veel positieve geluiden over de samenwerking met ICA. Toch vertelt Stef dat er binnen de overheid ook mensen zijn die enigszins argwanend kijken naar de samenwerking met het bedrijfsleven. “De veelgestelde vraag die ik krijg is: hoe weet je zeker dat ICA tijdens een crisis ook echt gaat leveren?” zegt hij. “Dus: hoe weten we dat we geen lege hulzen aan het inkopen zijn?”
Marie-Louise zegt dat de transparantie van ICA helpt. “Dat geeft vertrouwen. Die transparantie is ook nodig om tot een goede samenwerking te komen.” Ruud Moeskops van het Kenniscentrum Genie van Defensie zegt dat oefenen helpt. “Zien is geloven. Dus alles begint met het samen doorleven van scenario's. Dan ga je zien wat je nodig hebt en kun je de vraag en het aanbod met berekeningen concreet maken.”
Defensie werkt zelf nog niet met ICA samen, maar Ruud zou daar wel een voorstander van zijn. “Ook binnen Defensie moet het vertrouwen in ICA nog meer groeien. We werken binnen Defensie al veel samen met de individuele bedrijven die bij ICA aangesloten zijn. Dat geeft al vertrouwen. Een samenwerkingsverband met ICA zou wat mij betreft een goede volgende stap zijn.”
Ingewikkeld
Uit de presentaties blijkt ook dat het thema weerbaarheid op meerdere fronten ingewikkeld is. “We zijn van oorsprong een brandweerorganisatie", vertelt Marie-Louise. “Dus we zijn gewend om er te staan als dat nodig is. Die structuur is helpend, ook in de voorbereiding op grote rampen. Maar investeren in weerbaarheid is wel iets anders dan je voorbereiden op een flitsramp. Het vraagt een andere manier van denken.”
Marie-Louise vertelt dat de veiligheidsregio's de afgelopen jaren veel ervaring opgedaan hebben met grote crises, zoals de coronacrisis, de opvang van ontheemden uit Oekraïne en de noodopvang voor asielzoekers. Toch zijn er ook zaken waar de veiligheidsregio’s nog mee worstelen, in de voorbereiding op de crisis van de toekomst. “Soms is het de vraag of je bepaalde zaken landelijk of juist regionaal moet regelen. Of hoort het bij de gemeentes? Daar zijn we soms nog zoekende in.”
Meer doen
Ruud benadrukt dat het voor Defensie belangrijk is dat Nederlandse overheden zich goed voorbereiden op een crisis. “Bij een aanval komt alles tegelijk", zegt hij. “Je hoeft ons dan niet meer te bellen, want wij richten ons dan op het oosten. Tegelijkertijd is de Nederlandse infrastructuur dan hard nodig voor het Amerikaanse militaire transport. Dus voor ons is het van groot belang dat de Nederlandse maatschappij doordraait en vooral niet in paniek raakt.”
Marie-Louise zegt dat ze er op slechte dagen wel eens van baalt dat het weerbaar maken van de samenleving zo traag gaat. “Het zou voor ons helpen als er een politiek klimaat komt dat ons steunt.” Toch ziet ze ook dat de aandacht voor weerbaarheid bestuurlijk en politiek groeit. “Er is een flinke lobby gaande richting de politiek. We hopen daarmee het thema weerbaarheid meer tussen de oren te krijgen van de politici. Dat is belangrijk, want je kunt natuurlijk wel iets doen met gesloten beurzen. Maar op een gegeven moment heb je geld nodig om iets te bereiken. Ik verlang ernaar dat we minder gaan praten en meer gaan doen.”
Orkaan Harvey
De bijeenkomst werd afgesloten met een presentatie van ervaringsdeskundige Edward Verweij. Hij woonde in Texas toen de orkaan Harvey daar in augustus 2017 aan land kwam. Hij laat ons eerst de cijfers van die ramp zien. Het getroffen gebied was zeven keer zo groot als Nederland. Zo'n 13 miljoen mensen werden getroffen, 40.000 mensen werden opgevangen in de noodopvang en zo'n 3.000 dieren werden gered.
Edward vertelt dat iedereen de storm zag aankomen. “We hadden al dagenlang geen stroom en internet meer. Dat betekende dat we ook geen airco meer hadden, en het was 40 graden Celsius. Op een gegeven moment weet je: dit gaat echt mis. We zijn toen in de auto gestapt en zijn gewoon naar het noorden gaan rijden.” Edward en zijn gezin kwamen in een hotel in Waco (Texas) terecht. “We waren blij dat we veilig waren en dat we het hotel konden betalen. We waren ook opgelucht dat onze twee katten welkom waren. Later hoorden we dat dat heel normaal is. In Amerika mogen hotels blijkbaar geen huisdieren weigeren tijdens een officiële ramp.”
Lege supermarkten
Na de ramp keerde Edward terug. “En dan begint het pas echt", zegt hij. “In het hele gebied was niets meer te krijgen. Er kwam een tijd lang geen schoon drinkwater meer uit de kranen en de supermarkten waren leeg of overstroomd.” Hij zette zijn natte huisraad aan de straat. Daar heeft het 2 maanden in de zon staan rotten, omdat er geen capaciteit was bij de afvalverwerkers om al het afval op te halen.
Edward heeft een camper voor zijn huis gezet waar hij samen met zijn gezin is gaan wonen. Het bewoonbaar maken van zijn huis duurde lang, omdat er in de hele omgeving geen bouwmaterialen en vakmensen meer waren. Pas na 8 maanden kon hij weer in zijn eigen huis wonen.

